De Vis Wordt Duur Betaald deel 11

Het Einde van de Gebeurtenissen In vergelijking met andere visserij naties, was de Britse bedrijfstak wankel en afhankelijk van de verre wateren, voor het grootste deel van haar vangsten., terwijl de thuis wateren misschien maar een achtste hier van opleverden. Dat maakte de trawl visserij zeer kwetsbaar, toen eenmaal de wereld veranderde en andere landen begonnen te betogen, over meer controle op de wateren die zij begonnen te zien als hun eigen wateren. Afhankelijk van de verdragen van een open zeeën, had Engeland lang de traditionele 3 mijls nationale limiet verdedigd, wat een afstand was geweest van een kanon kogel, samen met het concept van de vrijheid van de zeeën. Dat waren de basissen van beiden, onze maritieme kracht en onze sterke visserij bedrijfstak, die ronddwaalden in de Noordelijke wereld.. Naar maten dat de visserij vloten groeiden, toen schepen groter werden en veel krachtiger en de druk op de vis voorraden toe namen, begonnen andere naties in te zien en in het bijzonder IJsland, dat zij het gebruik van hun voorraden moesten beschermen en zij bouwden hun eigen bedrijfstak op, door geleidelijk hun wateren te sluiten voor anderen. Dit proces, gekoppeld aan de stijgende olie prijzen, veroorzaakten de dood van de Engelse verre visserij. De schepen van de trawler steden, visten meestal in de Noord Atlantic, maar waren zwaar afhankelijk van IJsland, wiens wateren werden gesloten na vier Kabeljauw Oorlogen.. De eerste oorlog werd ingezet in 1951, bij de invoering van een vier mijls limiet vanaf basis lijn plaatsen van de oude drie mijls limiet zone. De tweede oorlog kwam met de invoering in 1958 van de 12 mijl limiet en duurde tot 1961. In 1972 stelde een nieuwe linkse regering voor, een 50 mijl limiet in te stellen en de confrontaties, begonnen heviger te worden, toen de IJslandse marine schepen begonnen, met het doorsnijden van de trawl lijnen. Deze oorlog was nauwelijks tot rust gekomen door het toelaten van een bepaald aantal Britse schepen, toen in 1975 de IJslandse regering de finale stap nam, door de uitbreiding van haar wateren tot 200 mijlen, wat de bitterst en langste Kabeljauw Oorlog van allemaal veroorzaakte, door rammen van schepen, botsingen en het door snijden van de trawl lijnen. De Britse regering mobiliseerde twee en twintig fregatten, om de Britse trawlers te beschermen, maar het spektakel van een grote wereld macht, die zijn marine gebruikte om de visserman te beschermen op de vijandige verre visgronden, kon niet lang worden voortgezet. In 1976 eindigde de IJsland visserij. De uitbreiding van de limieten door Noorwegen, Rusland en Canada volgden, wat de sluiting van de meeste van de Britse traditionele industriële trawl gronden waren. Plotseling was een industrie, die de Noord Atlantische visserij had ontwikkeld en sterk en concurrerend stond door penetratie op nieuwe gronden en nieuwe wateren, nu nergens anders meer heen kon. Sommige claimden, dat zij het onvermijdelijk hadden zien aankomen.. De meeste visserlui, die nu hun broodwinning kwijt waren door politieke en investering besluiten, en dat allemaal buiten hun controle........ deden dit niet ! Reacties. In de vijftiger en zestiger jaren hadden wij de meest enorme hoeveelheid van verre wateren vis, waarvan een grote hoeveelheid niet verkocht werd en naar de vismeel fabrieken werd afgevoerd. De opvang prijs, de prijs waarvoor de vis uit de verkoop werd genomen, wat niet een bepaalde minimum prijs haalde, hielp er aan mee om een bodem prijs voor de vis in te stellen. Maar dit werd natuurlijk weer door de visserman zelf en...... visserij reders, gefinancierd.. Als gezichtspunt voor de marketing hielp het, maar de werkelijkheid was, dat wij simpel weg teveel vis voor de markten aanvoerden en als je nu terug kijkt, was dit niet het intelligentste ding om te doen.. Wij hadden teveel schepen en een onbeperkte visserij en de markt kon het niet absorberen., De reders probeerden de visserij te regelen, maar dat was niet gemakkelijk.. Zij hadden allerlei soorten schema's, bijvoorbeeld een ding, zoals de brasem, die, waarvan wij een enorme hoeveelheid hadden, gevangen bij de Noorse kusten, wat verkocht werd naar de Oostblok landen, zoals Polen, Tsjecho Slovakije en Oost Duitsland. Grote hoeveelheden, voor zeer lage prijzen, als een simpel middel om er van af te komen.. Overal had je prijs structuren, die simpel te laag waren.. Iedereen was op grootse manier de zeeën aan het over bevissen, wat een van de oorzaken was van de uitbreiding van de visserij limieten. Frank Flear – Grimsby. Ongeveer in 1960/61 was het, dat wij ons zorgen gingen maken. Wij en mijn vader, heel jammer, want hij stierf in 1963, erg kort er na, waren allemaal bezorgd over de IJsland oorlog, wat een oorlog was, tegen de uitbreiding van de limieten en daar door moesten wij proberen de Regering te overtuigen, om te vechten t.b.v. de vis en de visgronden. En om eerlijk te zijn, zij deden het. Zij stuurden er fregatten heen. Maar.... aan het einde van de dag vertelde de Regering ons, dat zij dit niet altijd konden doen en wij waren dus waardeloos, vanuit dat gezichtspunt.. Voor een korte periode gaven ze ons subsidies, om de bezwaren wat te verminderen, maar veel schepen werden uit de vaart genomen, als het resultaat van de IJsland situatie,. Een andere oorzaak van de enorme afname van de bedrijfstak, wat ergens vergeten is, was de olie prijs ontploffing.. Je moet eens in gedachten nemen het grote aantal schepen die vanaf de Humber naar zee vertrokken, wat olie gestookte stoomschepen waren en zij verstookten zo´n 10 ton per dag. In die dagen hadden wij grote contracten. Ik zat in het comité voor de brandstof onderhandelingen voor de Humber reders en wij kochten 300.000 ton brandstof per jaar, ten behoeve van hen.. Wij hadden contracten met Esso en Texaco en wij maakten een ronde.. Wij zeiden.... Hier zijn wij en dit is de order..... wat is het aanbod voor het volgende jaar ?. Ik geloofde, dat de olie prijs van £ 10 naar £ 30 per ton op liep en dat bijna van de een op andere dag.. In plaats van een kosten plaatje van een schip te hebben van £ 100 per dag aan olie kosten. Had je nu een olie rekening van £ 300 per dag. Dat veroorzaakte een uitschakeling van een heleboel schepen. Zij werden van de een op andere dag onrendabel.. Diesels waren nog wel goed, omdat zij slechts 1 a 2 ton per dag gebruikten. En zo veroorzaakte de olie crisis bijna een even grote aanslag op de vloot, net zoals de IJsland situatie. Bill Letten – Grimsby. De IJslanders begonnen zelf een vloot op te bouwen en verboden ons te vissen op hun visgronden..Zo geleidelijk aan, wisten wij niet meer waar we heen konden gaan.. De Noren, de Russen, ze stopten allemaal en ook de Groenlanders en het kwam tot zo'n omvang, dat je nergens meer naar toe kon gaan, behalve de oceaan, waar het water te diep was. Dat was iets , wat stond te gebeuren. Je onderwijst mensen en het duurt niet zo lang, of ze vertellen jou wat je al weet en wat zij weten. Zij zeggen.... Oké........en zij stopten al de visserij activiteiten in de fjorden, waar wij gewoonlijk naar toe gingen en de prachtigste vis vingen.. Je werkte geleidelijk de hele weg rond, viste de hele tijd in de territoriale wateren en dan kwamen ze met een of twee of meer marine schepen en spande er lijnen over. Zij zetten drie mijl hier af en drie mijl daar en je kon er niet meer in. Dat gebeurde niet in een dag, het gebeurde in een week, maar het was wel in vijf jaar, dat het begon mee te tellen.. Deze Scandinaviërs verdienden geld om grotere en betere schepen te bouwen en zij waren zo met ons in strijd gewikkeld op gelijke voorwaarden en maar zij hadden de profijten, die wij niet hadden. Zij konden in hun wateren vissen, wat wij niet konden, Charlie Board – Grimsby Ik was opgegroeid in Isafjordun in het Noord Westen van IJsland, rond je jaren van 1960 en ik kan mij nog levendig het grote aantal Hull, Grimsby en Fleetwood trawlers herinneren, die de haven onze stad binnen liepen, soms door een grote vangst. Maar ook de schepen met al die mooie namen van Engelse voetbal clubs, de Ross schepen en veel anderen... Hiervoor, had ik in Adalvik Baai gewoond, waar de luchtmacht van de Verenigde Staten een luchtbescherming radar station hadden,op de top van de Mount Straumnes ( Strraumnes Point ) Ik herinner mij nog het gezicht vanaf de top van de berg van de trawler vloot bij nacht met haar verlichting aan en het leed wel op een stad voor de kust. En dat voor of tijdens de Kabeljauw Oorlog van 1958 tot 1960. Ik herinner me ook nog met plezier de wisselwerking tussen de kinderen van Isafjordun en de Britse trawlerlui, wanneer wij probeerden te spreken met ons Engels, wat wij op school leerden op dat moment, met de ruige trawlerlui, die praktisch hun eigen dialect spraken en dat was zeker niet, wat zij ons op school probeerden bij te brengen.. Maar wij hadden veel lol.. Ik herinner mij zeker ook nog, de tragedie wat gebeurde in de late zestiger jaren, toen het bleek, zoals elk jaar rond de Kerstdagen, er op zijn minst een of twee schepen verloren waren geraakt. Lokale en ook Britse schepen, waar van in een hoop gezinnen, de man of vader het leven liet. Fridher Eydal – IJsland Rond 1958 werd er een basis lijn getrokken rond de vier mijl limiet en zo was het niet alleen een uitbreiding van de drie naar vier mij zone. Maar bepaalde gebieden, zoals de grote baaien en fjorden, werden gewoon afgesloten en al dat water of dat gebied, wat daar binnen die grenzen viel. Dat was ook een van de oorzaken wat de voorjaar visserij bij IJsland aan de Zuid West kust ten gronde richtte.. Toen werd het twaalf mijl vanaf de basis lijnen en vervolgens deed Noorwegen natuurlijk hetzelfde en ga zo maar door. John Butt – Grimsby. Ik werd gearresteerd voor het vissen in verboden wateren. Ik viste aan de Zuid zijde van IJsland en de Marine zag mij daar en kreeg ons te pakken. Ik wilde in het begin de Marine niet aan boord laten komen, maar later, werd er diplomatiek gebruikt, want zij hadden onze verzekering gewaarschuwd en ik kreeg een telegram van onze reder, hen aan boord te laten en wij werden opgebracht, want anders zouden zij een ander schip van onze rederij hebben opgebracht. Wij kwamen voor het gerecht en werden veroordeeld.. Dat was alles wat zij in die tijd deden. Normaal bij het vissen in de territoriale wateren kwamen zij aan boord, brachten het schip op en je werd veroordeeld en je kon je gang weer gaan. Het was toen echt informeel. George Mussell- Grimsby/. Ik kreeg mijn ontslag. Ik werd gegrepen binnen de limiet grens bij Langerness. Het was het Marine schip Odinn, die ons aanhield en opbracht en wij lagen daar 4 of 5 dagen binnen. Alles moest worden opgeschreven en de eerste die als tolk optrat, was de post beambte van het dorp. Maar ik kon hem niet verstaan. Toen was er de scheep agent om mij te helpen, die heel goed Engels sprak, maar hij mocht niet als tolk fungeren. Daar ik de postbeambte niet kon verstaan, namen zij de dorp schoolmeester als tolk, maar ook hem kon ik niet verstaan. En daarom stuurden zij mij naar Reykjavik. Ik was daar helemaal niet gelukkig mee, want ik was benieuwd, hoe lang dit wel zou gaan duren. Maar in ieder geval werd de rechtszitting voortgezet en ik werd veroordeeld tot een boete van £ 5000. Toen ik uiteindelijk weer in zee kwam, stoomde ik terug naar de plek waar ik was aangehouden. Jack Tripp- Hull. Rond 1972 of zoiets daar omtrent, was ik schipper op de trawler Ross Kelvin.. Wij verspeelden een heel vistuig door een Marine vaartuig. Er waren op deze plaats veel schepen en de enige manier om te kunnen vissen, was, om de Marine te hinderen in de uitvoering van haar taken. Een schip voerde het vissen uit en een ander schip, niet vissend, voer achter haar aan, zodat de Marine de vislijnen niet kon door knippen.. De schepen bleven dicht bij elkaar, zodat de Marine er niet tussen kon komen. Het schip wat viste , kon zo een trek doen en als er gehaald werd, zette het andere schip zijn net uit en ging het eerste schip, de Marine hinderen.. Wij waren aan het eind van een sleep en wij kwamen rond om in de tegengestelde richting terug te vissen.. De Ross Kelvin was een diesel schip en de Northern Chief was het vaartuig wat voor mij, het Marine schip hinderde. Toen wij rond draaiden om op dezelfde lijn terug te vissen, kwam het Marine schip naar ons toe stomen om een poging de wagen om de vislijnen door te knippen.. Ik waarschuwde de schipper achter mij....... Je zakt te ver naar achteren, je moet wat dichter bij komen. Maar hij zakte te ver achter op, want ons schip was een diesel en het toerental kon vanaf de brug worden geregeld. Je kon de omwentelingen bijstellen, om het schip harder of langzamer te laten varen.. Maar op een stoomschip moest je door de spreekbuis naar de machine kamer fluiten, om te zeggen dat zij wat omwentelingen meer of minder moesten maken. Stoomschepen waren niet zo goed controleerbaar, zoals wij met een diesel schip. De Northern Chief zakte te ver naar achteren en hierdoor kon het Marine vaartuig haar gang gaan, BANG...... en dat was het dan. De terugslag van de vislijnen was verschrikkelijk. Het zwiepte door de lucht en raakte de mast en als daar iemand had gestaan, zou hij het er niet levend vanaf hebben gebracht. Houdt wel in gedachten, dat wij het min of meer verwachtte. Het gebeurde constant, er was weer een trawl verspeeld. Beide vislijnen en een hele trawl met borden. Dat was dus al twee stellen, want de Rio Madrid verloor ook een stel, ongeveer een uur eerder. De schipper van de Rio Madrid was Cocker Mussell. Wij hadden gelukkig nog een ander stel, zodat wij konden door gaan met vissen. Wij hadden gewoonlijk drie stel aan boord en bobines en wij plaatsten er een ander stel voor in de plaats. Want normaal als je sleept en vast loopt, verlies je misschien wat van het net en het is niet gezegd dat dan het hele stel verloren is.. Maar nu de vislijnen waren doorgeknipt, moesten wij deze opnieuw gaan splitsen en de reserve visborden van BB naar SB verplaatsen. Het kostte ons zo´n vier a vijf uur om er een nieuw stel er voor in de plaatst te stellen. John Gilby- Grimsby. Ik maakte met de Grimsby Town een geweldige reis. Maar ik werd gepakt voor het vissen in de territoriale wateren en ik werd naar IJsland opgebracht. Wij hadden al de hele tijd in de verboden wateren gevist. Vissers zijn echter de grootste leugenaar, Ik vertelden hen, dat ik niet aan het vissen was en dat ik naar de wal stoomde om de stuurman daar af te zetten. Maar ik werd wel veroordeeld, omdat ik mijn vistuig niet op de juiste wijze had opgeborgen. Ik was vissende, maar ik had de vis al gewassen en opgeborgen, voor het Marine vaartuig bij mij was en ik opgebracht werd. Ik moet daar zo'n dag of vijf hebben gelegen. Op dat moment werd ik beschuldigd door de communisten. Isafjordun was een communistische plaats. Zij probeerden mij te beschuldigen van drug gebruik en van andere zaken. Ik had wel in iedere geval geprobeerd, het Marine vaartuig te rammen, want ik wilde niet opgebracht worden en ik begon naar zee te stomen en het Marine vaartuig schoot op ons en veroorzaakte hierbij een gat in de schoorsteen. Ik zei tegen de stuurman, maak je geen zorgen, het zijn allemaal losse flodders. Naar de hel met hen.... en ik draaide ons schip heel plotseling en achtervolgde haar. Ik zou haar niet hebben geramd. Alles wat ik probeerde te doen, was, dat ik haar wilde doen stoppen , om ons te volgen en opeens...... BANG en een prachtig gat in de schoorsteen. Ik dacht toen wel, dat het tijd was, om mij over te geven. Ik werd veroordeeld voor de illegale opslag van ons vistuig, maar niet voor illegaal vissen en ook niet voor het proberen te rammen van het Marine vaartuig. Ik werd tot zes maanden cel veroordeeld. Ik ging in beroep en ik kwam thuis en ik wilde ook niet die zes maanden uit gaan zitten. Ik kon dus niet meer bij IJsland vissen en daar een haven binnen lopen. Ik begon met het vissen in de Witte zee, Daarna, kwam de IJslandse president in Engeland op bezoek en ik kreeg een brief van mijn advocaat in IJsland, want het veroorzaakte moeilijkheden voor mijzelf en mijn gezin, enzovoort. In dit schrijven werd gezegd dat de veroordeling al twee jaar was ingetrokken. Ja, ik kon dus weer bij IJsland gaan vissen, maar als ik weer gepakt zou worden voor het vissen in verboden wateren, dat ik dan mijn zes maanden wel zou moeten uitzitten en waarschijnlijk dan nog wel iets langer. Don Lister – Grimsby Ik was de eerste trawler, waarvan de beide vislijnen waren door geknipt. Wij waren aan het vissen en het werd verondersteld, dat wij in een groep zouden vissen en wij visten bij de Noordkaap van IJsland en ik had de vis gevonden. Wij zetten een paar pakken schelvis scheep. Ik kon de andere schepen zien op de radar, die van ons af visten op ongeveer acht tot tien mijl weg en misschien nog wel wat verder.. Ik wist dat de IJslandse Marine zich op hen had gericht. Ik iedere geval, de Marine, moest zich mij op haar radar hebben opgepikt. En ik wilde juist een draai gaan maken omdat de vislijnen aan het kantelen waren.. Een schipper uit Fleetwood, Tommy Watson riep mij via de zender op en hij vroeg mij.... Wie is dat daar. Ik antwoordde hem...... Ik ben het Tom. Wij gebruikten nooit onze namen of de scheepsnaam. Dat was om de Marine mannen te slim af te wezen en zo een aanhouding probeerden te verijdelen. Oh, zei hij.... ben jij het Mick en ik antwoordde .. Ja , want wij kende elkaars stemmen. Hij vertelde..... De Marine stoomt jouw richting uit. Hij zal je niet lastig vallen. Hij zal je praaien en je vertellen dat je binnen de 50 mijl limiet aan het vissen bent, Ik antwoordde .. Oké Tom. Op dat moment stoomde de Marine langs onze achtersteven en sneed de beide vislijnen door. Ondanks dat, maakten we toch een goede reis en wij besomden £20.000 en dat was een goede besomming. Wij stelden wel een nieuw stel. Wij hadden plenty vislijn en andere benodigdheden. Wij waren ongeveer 600 vadem vislijn kwijt geraakt. Maar waren weer helemaal gesteld en tegen acht uur visten we weer met een nieuw stel. Ik was in de veronderstelling, dat iemand wel ons stel zou opvissen en hij mij terug zou geven, maar niemand heeft het ooit gevonden. Het is wel iets verbazingwekkend.. Al het netwerk, de bobines, vislijnen en borden, alles weg, Maar je denkt, tien of vijftien schepen, zullen het met hun tuig wel opvissen. Maar niemand deed het. Ik denk dat het Marine vaartuig de Odinn was, die onze vislijnen door sneed en hij haalde ook de bescherming van zijn kanon weg. Mick George – Grimsby. De eerste twee Kabeljauw Oorlogen waren niet zo als de laatste Oorlog . De Marine .. ik kan mij nog herinneren dat zij een keer bij ons langszij kwam en zei..... Goede morgen schipper. Weet U dat U binnen de IJslandse territoriale wateren aan het vissen ben. Ik zei.... Ja dat weet ik en ik heb nog twaalf dagen gekregen van de rotzakken.. In die tijd was het maar wat gelach.. Maar de laatste oorlog was veel heviger en wij wensten, dat wij het van hen zouden winnen. Je kon het zien, want onze Marine had orders van het White Haal gekregen. Zij waren vast besloten ons te helpen, als je maken had met de IJslandse kustwacht. En plotseling werd onze Marine terug getrokken. Het was een grote rotzooi, als je zag wat er gebeurde. Zij kregen mij niet te pakken. Ik was altijd waakzaam met de radar. Je moest de echo´s van de andere schepen die rondom je visten, op de radar tellen. John Meadows - Grimsby. Ik kwam goed uitgerust terug na een maand verlof. Ik stoomde de hoek om bij Langerness op mijn uitreis naar de visgronden en de schepen die daar aan het vissen waren hadden schrik \voor de IJslandse Marine en ik riep een van de schepen via de zender op en vroeg hem, hoe de zaken er bij stonden. Hij antwoordde, dat de Marine constant hen belaagden en hen weg jaagden op diverse plaatsen. Ik zei hen, dat ik op weg was naar een plek wat bekend stond als het Rode Hoofd, wat een plek was, waar ik goede herinneringen aan had en waar ik veel vis verwachtte te vangen. Als je met mij mee gaat en als eerste uit wilt zetten, zal ik je helpen met je vistuig te beschermen, tot dat het mijn beurt is om te vissen. Terwijl ik op vakantie was, was het de gewoonte, dat twee schepen, een vissend schip beschermde.. Je moest dus nu met drie schepen zijn. Terwijl een schip aan het vissen was, stoomde het IJslandse Marine schip voor de boeg van het vissende schip langs en legde de snij attributen om de vislijnen van de trawler door te snijden, op de bodem en als de trawler er overheen voer, stoomde het Marine schip volle kracht vooruit en sneed als nog de vislijnen door.. Zo hadden wij nu twee schepen nodig om de vissende trawler te beschermen, een bij het achterschip en de andere, die het Marine schip bij de voorsteven moest zien te verhinderen om zijn plannen uit te voeren. Het was allemaal puur tactiek. Wij kwamen op de bedoelde visgrond en twee schepen lieten weten... Het is jouw keuze van de visgrond. Jij mag het eerst uitzetten en wij zullen je beschermen. Wij hadden in ieder geval een goede eerste trek en zette 300 manden vis scheep. En wij vingen daar uiteindelijk in 3 dagen 1500 kits vis. Het was daar heel zwaar vissen, want het was een harde grond en wij waren met veel schepen en dit veroorzaakte veel trillingen op de bodem van het gebied, door het schrapen van de trawl, bobines en visborden over de harde grond van de bodem. En het verjaagde de vis en je kon het goed waarnemen, dat de vis omhoog kwamen op de echo loden.. Hier door riep ik de kapitein van het Engelse bescherming fregat op en vroeg hem of er een mogelijkheid was om ons te verplaatsen van deze visgronden, naar de visgronden bij de Noordkaap van IJsland. Ik vertelde hem ook, dat alle aanwezige schippers wel naar de Noordkaap wilden en vertelde hem ook dat de vis hier nu van de bodem was verdwenen en voorlopig daar niet zou terug keren. Het zou zeker een paar dagen duren, eer de vis weer op de bodem was terug gekeerd.. Hij zei.... Oké, ik kom over een paar uur bij je terug, want ik moet verdere instructies vragen aan Whitehall, van de regering. Hij kwam in ieder geval vier uur later bij mij terug en de boodschap was...... Sorry schipper, onze orders zij, om op deze plek te blijven.. Ik zei hem... Met respect Sir, maar ziet U het nut er van in om een schip te beschermen op een plek waar geen vis wordt gevangen ? Ik denk wel, dat het nogal duidelijk is, is het niet ? U kunt hier rustig op Uw plekje blijven. Ik ga op mijn eentje naar de Noordkaap. Maar wij stoomden allemaal naar de Noordkaap en het Britse Marine bescherming fregat voer met ons mee.. Vervolgens kreeg ik mijn baas John Butt aan de lijn en hij vertelde mij dat hij alle schippers die aan de wal waren, voor een vergadering bijeen had geroepen in zijn kantoor en hen had meegedeeld dat iedere schipper, die niet gehoorzaamde aan de Britse Marine, van u af aan op staande voet zou worden ontslagen. Of je nu top schipper bent of een mindere schipper, je wordt ontslagen. En dat was het. Wij eindigde die reis met een vangst van 3400 kits vis. Dat was, toen wij het bericht hadden ontvangen , dat wij de strijd bij IJsland niet zouden winnen. Wij deden wel steeds ons werk, wat wij opgedragen hadden gekregen....... Vang zoveel mogelijk vis wat mogelijk is, vul het visruim als je er de kans toe heb..... en dat was het dan. Maar nu, waren wij de verkeerde dingen aan het doen. Wij realiseerden ons, dat wij een verloren strijd aan het voeren waren, maar wij stopten niet. Bij de volgende reis gingen wij op pad naar een plek wat de Walvisrug wordt genoemd. Wij gingen naar die plek omdat het ons zo was opgegeven.. Al de informaties, die ik jaren lang had verzameld waren nu onbruikbaar. Je moest naar de plek gaan, waar de Marine je beschermde. Vis of geen vis ! Wij vingen niets anders dan koolvis. Een klein beetje '”witvis '', wat kabeljauw en schelvis. Maar we beëindigde de reis weer , met 3000 kits vis aan boord, maar slechts ongeveer 800 kits was “witvis “. Maar toen ik binnen kwam, was de onder manager verantwoordelijk voor de rederij, want John Butt was niet beschikbaar. En deze onder manager vroeg mij...... Wat is eigenlijk de bedoeling van al die koolvis, Schipper ! En ik vertelde hem.... Wel, mij werd de laatste reis door dhr. Butt meegedeeld dat, ..... als ik niet ging vissen in een gebied dat beschermd werd door de Britse Marine, top schipper of een mindere schipper, zij hun ontslag zouden krijgen. Ik ben naar de plek gegaan en heb daar gedaan, wat mij werd gezegd, maar ik kan niet de grootte van de vis en de kwaliteit van de vis kiezen, wat op die verdomde rot plaats rond zwemt.. Het was dom, heel, heel erg dom. John Meadow ? Grimsby. Ik heb drie Kabeljauw Oorlogen meegemaakt en op de laatste reis was de beslissing van de rederij dat alle schepen van de thuis wateren, naar IJsland moesten, om daar te gaan vissen en om onze kracht te tonen. Wij werden naar IJsland gestuurd en wij visten daar, tot de IJslandse wateren voor ons werden gesloten. Ik had drie schermutselingen met de IJslandse Marine, toen zij mij een paar keer aanvielen, Het was wel beangstigend, want zij kwamen langs ons met een groot snij apparaat, wat onze vislijnen achter het schip, kapot kon knippen en zo moesten zij binnen twintig meter van je achterschip zien te komen om de lijnen door te knippen. Wij hadden wegen en middelen ontdekt, om dit te kunnen voorkomen en wij waren wat dat betreft erg gelukkig. Ik heb niet één vis stel verloren. Wel werden er diverse schepen geramd, maar ik niet. Ik had geluk. Derk Reader Fleetwood. Ik voer op de Viveria, toen wij door de IJslandse Marine werden geramd, bij een poging om achter ons langs te varen, om te proberen onze vislijnen door te snijden en hierbij voer zij ons in de midscheeps aan. Hierbij werd de brug in elkaar gedrukt en ik heb hiervan nog een foto. Ook werd een groot deel van de verschansing plat gedrukt. Wij werden aan BB geraakt. Het Marine schip was erg snel en ofschoon de Viveria ook geen langzame bak is, was het Marine schip groter en sneller. John Kirk Grimsby. De handen van de reders waren gebonden. Het was nog maar een zaak van.... Ga er heen en maak er het beste van.. Sommige schepen van de Northern rederij hadden wat rust om niet bij IJsland te moeten vissen en zij gingen naar de Witte Zee. Het was als in de hemel, om daar heen te gaan en te weten , dat er geen Marine was, die je de voet dwars wilde zetten. Maar een van de andere schippers zei...... We hebben er een beetje genoeg van, om in die ruzie daar te moeten vissen. Kunnen wij ook niet voor een reis naar de Witte Zee, dan hebben wij ook eens iets anders. Maar de reder zei......... Nee,..... Onze firma heeft altijd haar visgronden bij IJsland gehad, Wij hebben daar altijd goed geboerd en wij moeten deze Kabeljauw oorlog voeren. Als wij deze oorlog verliezen, zal het het einde van onze rederij betekenen.. Ga terug daar heen en vecht het met hen uit, wat wel een zwakke houding was, wat hier tegen over stond. John Gilby Grimsby Wij stoomden van IJsland naar huis en onderweg tussen IJsland en de Faroer eilanden, werden wij door twee vliegtuigen aangevallen, die lichtkogels op ons schip afvuurden, om ons schrik aan te jagen. Zij vuurden alleen maar lichtkogels af. Wij hadden de opdracht van de Britse Marine om er geen notitie van te nemen. Toen wij eindelijk in de Britse wateren waren, stoomden wij de Scarborough Baai binnen. De eigenaar van het schip, woonde in Scarborough en hij kwam naar ons toe in een kleine roeiboot, klom aan boord en feliciteerden ons allemaal.. Hij gaf iedereen een bankbiljet van een pond, omdat wij het goed hadden gedaan. Het Marine schip dat steeds bij ons was geweest, nodigde ons allemaal uit voor een borrel. Zij zeiden, dat zij het niet konden begrijpen, waarom visserlui door het leven gingen zoals zij deden om vis te vangen en dan ook nog te worden lastig gevallen door mensen en zoiets als IJslandse Marine schepen en hierbij ook geen wraak namen. Toen de IJslandse Marine in dat gebied was, was het een hele dag, een 24 urige werkdag, dat je op je hoeden moest zijn.. Jullie werk was het om jullie schip constant tegen hen te beschermen, zodat je geen slaap of wat dan ook kon nemen.. Jullie waren er om het schip te beschermen en er voor te zorgen dat de Marine niet aan boord kwam, want als zij aan boord waren gekomen, hadden zij jullie naar IJsland opgebracht, waar jullie als een stel rovers zouden zijn behandeld. Tom Jacombe Grimsby. Toen wij waren opgebracht met de Kandolosit en weer uitstomend waren, was ik weer in de gebruikelijke vorm en ik liet de bemanning weer het visstel in gereedheid brengen, want wij hadden alles moeten sjorren toen wij werden opgebracht.. Toen zag ik de voorman van de dek bemanning en ik dacht...... Wat heeft hij nu weer aan., want hij droeg een gekleurde bont jas. Ik vroeg hem, hoe hij verdorie aan die jas was gekomen en het bleek dat hij die van de kapitein van de Odinn had gejat. Ik zei hem. ........ Goed gedaan ! Jack Tripp Hull. De Britse Marine was geweldig, maar zij waren beperkt in de uitoefening van hun taken. Een van die knapen werd tot Commodore van de vloot gepromoveerd, toen de Kabeljauw Oorlog al aan de gang was en hij liet een van de IJslandse oorlogsschepen weten..... Ik ben nu wel 20 mijl van je verwijderd, maar ik kan je net zo gemakkelijk tot zinken brengen als of ik slechts een paar mijl van je verwijderd was.. Maar hij kon het niet, want hij zou er geen toestemming voor krijgen om de trekker over te halen. Het is net zo iets als een atoom oorlog. Je handen zijn gebonden. De Britse Marine had spoor rails aan de boeg van hun schepen bevestigd en voeren zo langs de IJslandse Marine schepen en de spoorrails gingen dwars door de huidplaten van die schepen. Toen wij uiteindelijk de IJslanders hun zin gaven, was er nog maar één schip over, wat nog goed was. Onze Marine had de rest van de schepen vernield. Echt, wij hadden de Kabeljauw Oorlog kunnen winnen, maar Kissinger kwam tussen beiden en vertelde ons, dat wij ons moesten terug trekken. Bill Hardie – Grimsby.. Ik denk, wat ons het meest nijdig maakte dan iets anders, was het verslag dat door de TV en Radio mensen werd uitgezonden, die aan boord waren bij de IJslandse Marine schepen, die jacht op ons maakten. Wij werden daar in gebrandmerkt, alsof wij de boosdoeners waren.. Wij waren alleen maar werkzaamheden aan het uitoefenen, wat wij al jaren lang daar hadden uitgeoefend.. Maar het is ook altijd hetzelfde. Je kunt het zien in de verslaggeving over Bosnië.. Ik dacht wel, dat wij als de boosdoeners zouden worden aan gezien. Wij werden uitgemaakt voor slechteriken en de IJslandse Marine commandanten, werden er in neer gezet als helden.. Ik ben van mening dat wij het rotste werk opknapten.. Zo was het, zo als ik het uiteindelijk zag. John Pickett – Grimsby. De Marine was nog nooit bij mij aan boord gekomen, behalve dan, toen ik op de Hull City voer. Wij hadden de trawl uitstaan en de IJslandse Marine deelde ons mee, dat zij bij ons aan boord wilden komen en ik zei tegen de bemanning....... Als zij trachten bij ons aan boord te komen, zullen wij hen dat moeten beletten zodat wij ons kunnen wreken. De 1e machinist en de stuurman en enkele van de bemanning waren bang dat zij hier door gewond konden raken. Zo... wat kon ik toen ? De Britse Marine raadde mij aan, om mijzelf in mijn hut op te sluiten, maar wat ik niet deed. Wat ik uiteindelijk wel deed, was, om het vistuig los te hakken, zodat ik met volle kracht weg kon stomen. Ik had geen andere keus, omdat de bemanning het niet met mij eens was om zich te verzetten en ongelukkigerwijs, waren twee van de bemanningsleden mijn zwagers.. Dat was wel echt ontmoedigend. Toen ik met het schip binnen kwam, dacht de reder, dat ik de hele tijd in mijn hut had opgesloten gezeten. Toen ik op de Aldershot voer, in de omgeving van het Rode Hoofd zoals wij die plaats noemden, op de Noordzijde van IJsland en wij daar niet konden vissen, haalden wij allemaal onze trawl scheep en besloten wij, om het IJslandse Marine schip te gaan hinderen. De schepen stoomden overal rond. De Arsenal dacht, dat ik stomende was, terwijl ik in feiten gestopt lag en hij gaf hard stuurboord en haar achterschip raakte onze boeg en het IJslandse Marine schip stoomde bij mij aan de andere zijde langs en raakte ook de boeg, maar nu aan de andere zijde. Hij kwam plotseling uit de duisternis vandaan. Op de terug reis naar de Faroer eilanden, moesten we worden geëscorteerd en op de Faroer werd er een geheel nieuwe boeg ingezet.. Het ergste ding van de Kabeljauw Oorlog voor mij was, dat ik geen ruggensteun kreeg van de bemanning. De meeste van hen, wisten niet wat zij moesten doen. Zij wilden toegeven, want zij voelden dat het toch niet hielp. Het schip kreeg £ 80 per dag en hiervan kreeg de schipper 5% en de bemanning 1½ % , wel erg weinig en geen gevaren geld en de bemanning zag dan ook wel in, waarom zij zich in de problemen zouden storten.. En als schipper ? Alles wat ons in het vooruitzicht werd gesteld was ontslag, omdat wij geen vis hadden gevangen. Sommige schepen tuigden netten op, om het overstappen van een Marine schip naar het andere schip tegen te gaan, maar de meeste bemanningsleden , 90 %, waren tegen de Kabeljauw Oorlog. En ik kon echt niet zeggen, dat ik het ze kwalijk nam. Bill Hardie - Grimsby. Er waren twee zaken die fundamenteel waren.. Een was het onderhandeling standpunt genomen door Buitenlandse zaken, wat in tegen stelling was, als van de ander Europese staten en dat betekende dat adviseurs van de bedrijf tak niet betrokken werden bij de onderhandelingen met onze Buitenlandse Zaken en Commonwealth Zaken, zoals bijvoorbeeld de Noorse , Franse en Duitse onderhandelaars doen.. Onze bedrijf tak adviseurs waren buiten de onderhandelingen gehouden en werden pas ontboden als kleine school jongens of werden bezocht, als aan hen advies werd gevraagd.. Ik denk, dat dit door de jaren heen heeft bewezen, dat dit een ernstige zwakheid was in onze onderhandeling positie. Er was geen twijfel over de intellectuele bekwaamheid van onze mensen van Buitenlandse Zaken, maar vaak of niet gooiden zij slimmigheden weg, omdat zij niet de fijne details wisten waarover werd onderhandeld. Voor de Kabeljauw Oorlog, hadden wij veel vrienden in IJsland en wij hadden IJslandse kinderen in ons gezin opgenomen en die met onze dochter naar school gingen en zij, ik kan mij niet meer het tonnage herinneren hoe groot het was,. ...maar zij vertelden ons dat, wat het tonnage van de onderhandelingen was, wat op dat moment door de IJslanders was gegeven, en wat op de onderhandeling tafel lag. Er was geen kans, dat de IJslandse Regering meer kon geven. Het was in IJsland politiek onacceptabel en ofschoon deze boodschap werd door gegeven aan onze onderhandelaars, hadden zij al reeds besloten, dat zij de IJslanders op de vlucht hadden gejaagd en dat zij hen ook nog na wilden zitten, om hen met een lat een pak slaag te geven en ........wij weten natuurlijk allemaal wat het resultaat er van was. Tom Boyd- Hull Tijdens de laatste Kabeljauw Oorlog, zat ik in het comité, waarin vertegenwoordigers zaten uit Hull, Aberdeen en Fleetwood. Gewoonlijk vergaderden wij in York en bespraken wij er over, hoe wij de bedrijfstak konden laten overleven. Ik ging naar IJsland, naar de Ambassade en de eerste keer dat wij daar heen gingen, had Roy Hattersley reeds de Minister van Buitenlandse zaken van IJsland ontmoet, waarbij ook wat ambtenaren bij aanwezig waren en de Minister van Landbouw. Roy Hattersley was in de Ambassade aanwezig en hij gaf een verslag van deze vergadering., waar uit bleek dat hij voor de Engelse trawler vloot een quota had gevraagd van 110.000 ton vis.. Wij hadden echter de Regering verteld, dat wij met een quota van 70.000 ton konden overleven en ik had kaarten uitgedeeld, die wij bij visserij experts hadden opgevraagd, om hen te tonen, waar wij dachten dat onze schepen konden vissen, want er waren ook nog paai gronden etc. Ik keek met verwondering naar Roy Hattersley en ik zei tegen hem...... Honderd tien duizend ton ? Hij antwoordde met ....... Ja, maar dat is alleen maar om de onderhandelingen op gang te brengen. Maar ik heb de instructies van Harold Wilson, dat ik IJsland niet mocht verlaten, zonder een overeenkomst van 100.000 ton. Ik vertelde hem, dat wij er niet de schepen voor hadden , om zo'n hoeveelheid vis te vangen.. Hij herhaalde mij nogmaals, dat dit zijn instructies waren. Wij gingen naar de lunch die ons werd aangeboden door de IJslanders en op die zelfde morgen, sneed een IJslands Marine schip, de vislijnen door, van een van onze schepen. Hij noteerde dat dit was gebeurd, ofschoon hij daar aanwezig was.. Ik zei hem..... Kijk , hier is het niet zoals in Engeland, waar mensen doen wat hun gezegd wordt.. De IJslandse Marine, doet wat zij zelf wilt. De Regering had hen wel gezegd om geen vislijnen meer door te snijden, maar een kapitein van een Marine schip, als hij vislijnen wilde doorsnijden, deed hij dat. Hij arrangeerde het, om iemand van de Ambassade te laten komen, terwijl wij aan de lunch zaten en gaven hem de boodschap over het doorsnijden van de vislijnen, wat hij al reeds wist. En wij moesten gaan staan, en bloc, en stapten naar buiten.. Roy Hattersley werd met een koninklijk vliegtuig naar Engeland gevlogen en wij moesten maar afwachten , hoe wij zelf thuis konden komen. Don Lister – Grimsby En op een volgende keer, op een Vrijdag avond, belde Austin Laing mij op, om mij te vertellen dat ik terug moest gaan naar IJsland, omdat de onderhandelingen opnieuw zouden beginnen. Ik haalde nog net de vroege kranten trein naar London, waar ik de ander leden ontmoette, die de besprekingen zouden bijwonen en wij vlogen van Heathrow naar Kopenhagen en van daar naar Oslo, waar wij het vliegtuig naar Reykjavik konden nemen. Het kostte ons 24 uur om daar te komen. Roy Hettersley was reeds daar , samen met het hoofd van de ambtenaren, die ik persoonlijk heel goed kende en die mij vertelde, dat hij blij was, dat ik met de delegatie was mee gekomen, want hij vertelde mij, dat de Minister ( Roy Hettersley ) weer zou terug keren naar Engeland. Ik zei..... Naar Engeland terug keren ? Ik ben er maar net !. Zij hadden net een maaltijd in de Ambassade beëindigd en ik ging er heen om met Roy Hettersley te praten. Hij zei mij, dat het hem speet, dat hij mij in moeilijkheden had gebracht, maar hij keerde naar Engeland terug, omdat de IJslanders opnieuw van een andere trawler de vislijnen had door geknipt.. Ik herhaalde nogmaals, dat het de IJslandse Marine was, die deze daden op hun eigen verantwoording deden en het hoefde echt niet zo te zijn, dat de Regering hier toe orders had gegeven. Roy Hettersley besloot toen, om als nog, niet te vertrekken. Ik vroeg hem ook nog, of hij het in overweging had genomen dat de Britse Trawler Eigenaars blij zouden zijn met een quota van 70,000 ton vis en het twijfelachtig zou zijn, dat wij in staat zouden zijn om dit quota op te vissen. De diepzee vloot zou kunnen overleven met een quota van 70.000 ton.. We gingen in onder handeling, waar bij werd geschreeuwd van de een naar de ander en werd er op kaarten gekeken enz, en ik besloot, dat ik echt mijn tijd aan het verdoen was om daar te blijven. De IJslanders zeiden, dat zij ons wat van hun vis wilden geven, als wij wat van onze olie aan hen zouden geven. Maar onze onderhandelaars, gingen daar niet mee akkoord. Zo kwamen we weer terug in Engeland en de Kabeljauw oorlog duurde voort. Don Lister – Grimsby Ik denk, dat wij het laatste schip waren, wat de IJslandse wateren verliet. Wij waren er erg gelukkig mee, want het was ook bijna het einde van onze reis, toen wij van het HMS oorlogsschip Andromeda het bericht kregen, dat alle schepen om 18.00 uur uit de IJslandse wateren moesten vertrekken. Zo stoomden wij al om 02.00 uur. Barry McCall, was nog aan het vissen en ik dacht dat hij pas een uur had gevist en hij zei... Wij hebben weer uitgezet en ik had zonet een vangst van 5 pak.. Wij zette ook weer uit op de plek waar wij waren, maar toen wij weer haalden, viel de winch uit. Wij vertrokken omstreeks om 05.45 uit de IJslandse wateren en Barry haalde pas om 06.15, want het zou voor hem niet lang stomen zijn, om buiten de IJslandse wateren te komen. Ik wist dat dit het einde zou zijn, toen wij ons uit deze wateren terug trokken. IJsland offreerde ons zoveel duizenden tonnen vis, maar de Regering sloeg dit aanbod af. Ze hadden het nooit af moeten slaan. Fred Quinn- Fleetwood. Wij dachten, dat wij het op het laatst gewonnen hadden, maar op de lange duur konden onze Marine schepen weinig uitrichten tegen de IJslandse Marine schepen. Zij maakten ons het varen onmogelijk. Wij konden niet meer vissen. Ik was daar, toen alles op zijn eind liep. Alle schepen lagen gestopt. Geen van de schepen kon uitzetten. Wij waren omringd door de Thor, de Igor en nog meer van deze namen. Dat was wreedste teleurstelling die ik ooit van mijn leven te verwerken had gekregen. Alleen maar om er aan te denken dat je er door de IJslandse Marine was uitgegooid. En de IJslandse schepen stoomden bij je langs en gebruikten met volle overgave en zo hard mogelijk, hun stoom en lucht fluiten en hun bemanningen staken hun vingers omhoog en wij konden er niets tegen doen. Onze eigen Regering had haar Marine vloot terug getrokken en wij lagen daar zonder bescherming. Ieder schip kreeg van haar reder een oproep waar in stond.... Zus en zo, in de morgen moeten alle trawlers de IJslandse wateren hebben verlaten. Ga stomen ! Je kon er niets tegen doen. Dit was de wreedste tegenslag die ik ooit in mijn leven heb gevoeld.. Ze hadden tegen mij geen wredere dingen kunnen zeggen, omdat ik een visserman was.. Het is ongelooflijk, hoe rot je jezelf voelt en hoe je het moest verwerken. Alsof iemand tegen je zegt.... Ik pik je vrouw in. Ik pik je huis en ik pik je auto. Ik neem je gezin mee en ik ga jou uit de visserij halen. Zo was het, hoe ik mij voelde. Wij kwamen terug in Grimsby. Ze kenden de visserman niet meer. Zij wisten dat de goede tijden nu waren afgelopen. Er werden geen grote uitgaven meer gedaan en zo werd de gehele gemeenschap uit elkaar getrokken. Er is aan de wal geen gemeenschappelijke daadkracht, zoals er op zee was. Op zee keek iedereen naar een ander om. Tom Jacombe – Grimsby. Ik was uitsluitend verantwoordelijk voor de verre visserij bij de British United Trawlers rederij ( B.U.T ). De uitbreiding van de visserij grenzen, de vangst quota's en nog wat zaken, maakten het onmogelijk om de schepen te laten varen. De vloot werd ernstig gekortwiekt. Er was geen tijd om over te stappen op een andere wijze van visserij en zo kwam onze verre visserij, van de een op de andere dag, tot stilstand. Zo ging ik op 55 jarige leeftijd met pensioen. Wat ik wist, kwam tot een eind. Ik had mij er voor de volle honderd procent aan gegeven en als ik er voor de een of andere reden was uitgegooid, had ik het niet erg gevonden en had ik mij niet zo ongelukkig gevoeld. Wij wisten allemaal, dat de laatste dagen van de verre visserij waren geteld en alle schepen die ik had gekend waren reeds vertrokken en de vooruitzichten om nieuwe schepen te bouwen, om op de gronden te gaan vissen , waar ik in geïnteresseerd was. waren al heel snel vervlogen. John Butt – Grimsby. Einde. Vreemdeling Dank aan Jan Harteveld, die het verhaal beschikbaar heeft gesteld.
<< Vorige Volgende >>
...home Geplaatst op 17-10-2014 en 1666 keer gelezen Like dit 576 Liked